Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overzij, is dat niet mevrouw ter Laek, die wij verleden bij mevrouw van Linden ontmoet hebben 1...

Annie keek, onverschillig. De heele mevrouw ter Laek was zij al lang weêr vergeten; kon ook niet goed onderscheiden door den afstand. De schouwburg was nu geheel met menschen gevuld; I onder de goudene sproeiïng van het licht een kleurig mozaïek van toiletten, waartusschen de zwarte gekleede jassen der heeren, detoneerend als inktmoppen. Als een zachtkens j deinende zee was het lichte bewegen der hoofden; elegant l ^api!f damcsk°Pics wiegelden zich op slanke halzenstengels lijk bloemen; een gegons van stemmen ging door de zaal. Maar de lichten werden neêrgedraaid; de kleuren smolten ineen en de glanzen verdoften in de mystische schemering die mi als met een gulden nevel zich spreidde over de hooiden der kijkers. En in de stilte, plots nu ontstaan, ruischten zacht de eerste tonen aan eener weeldrig-kwijnende ouverture ...

Annie luisterde; ze was nu in Den Haag. in den schouw9'V op ec*J -^quen" avond; er speelde een vreemd, . Fransch ensemble: een opera van een jong, tot nu toe onbekend componist, die in Parijs en Weenen „groote triomfen geoogst" had - zoo las zij op haar programma. Ze moest dus vooral goed luisteren en genieten... ze had er mmers van den zomer op De Groote Brink zoo naar verlangd, t Was gek. maar nu zij hier was in Den Haag ... en meedeed aan t „mondaine" leven (hm, hm)... nu vond ze t in den grond zoo innig-saai; kon ze smachten naar een winter op De Groote Brink... Zou dat altijd zoo zijn: dat je verlangde naar wat je niet hadt... en onbevredigd bleef als je het had? Maar De Groote Brink het haar nooit onbevredigd...

Zij luisterde weêr en keek... Op het tooneel een jonge man en een vrouw, in Oostersche kleederdracht. Zij zongen, tenor en sopraan, met een zachte begeleiding der violen. Ze merkte den draad van 'tstuk nu al kwijt te zijn; 't kon haar weinig schelen. Toch vond ze het wel prettig zoo weg te soezen op die muziek, je zoo deinen te laten en te droomen dat je op de Venetiaansche kanalen in een gondel zat, en ■ een man voor je zong... Op 't balcon aan de overzijde zaten de dames, een rij van lichte toiletten achter de balustraae Van donkerrood fluweel, nu bijna onbewegelijk te KijKen. m de zaal, over de hoofden der menschen, hing mysterieus die gouden schemer, en hoe langer ze er naar

Sluiten