Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-was wel zoo; maar ze had het toch döl-lief van papa gevonden ...

Omdat zij het gevoel had dat papa die morgenritten toch liever alleen deed — haar vragen konden hem zoo vervelen, geloofde ze: ze zag zijn voorhoofd rimpelen telkens als zij kwam met een nieuwe vraag — was ze maar thuis gebleven, had zich met Robert vergenoegd, die werkelijk nog al zijn best deed haar te amuzeeren. Als ze met hem en Caesar wandelde door 't Haagscbe Bosch of langs 't Kanaal den kant naar Scheveningen, had zij altijd de stille hoop Fré van Hemert tegen te komen. Ze was smoor op hem, sinds dien avond in den schouwburg; hij had haar toen veroverd a bout portant. Zooals hij haar had aangezien, dat ééne oogenblik, was brutaal geweest en ze had eigenlijk heel boos moeten zijn. Maar tant pis — ze meld er van zoo veroverd te worden. Sie konnte nichts dafür.

Eens waren ze hem tegengekomen bij de waterpartij. Hij bleek een mormel van een terriër te hebben en die was door Caesar nagezeten op den afhellenden graskant, 't Was een éénig gezicht: Caesar met zijn groote luie sprongen, zijn sonoren blaf en gracielijk wuivenden staart aan achter het leelijke beest, dat al vluchtend, met zijn omgewrongen lijfje hem tegenkefte. Rob en zij hadden het uitgeschaterd, en toen had een fluitje geklonken en een stem die den hond riep, en toen had ze eensklaps gestaan vis a Vis Fré van Hemert, en hij lachte, die valschaard, om haar kleur.

Hij was een heel eindje met hen opgeloopen, langs de Haringkade, al die gesloten pensions, en hij had gekheid gemaakt over de menschen die dat 's zomers voor lustverblijven aanzagen, lui met couranten lagen in die poppige verandatjes, tegen 'n perspectief van afgehaalde bedden!...

Rob had dat zóó leuk gevonden, dat hij een luchtsprong maakte met zijn slappe beenen — griezelig slap als die jongen was! — en zij ook had moeten lachen om den gekken toon waarop hij dat zei... al was het niet heelemaal commeil-faut geweest. Dear me 1...

Dien nacht had ze van hem gedroomd — dat hij haar schaakte... hij had haar gedragen heel ver weg op zijn sterke armen en hij was met zijn militaire laarzen gestapt over bergen en rivieren, en had onderwijl op haar neergezien met dien brutalen lach, die zijn witte tanden bloot bracht onder zijn snor...

't Was een gekke droom geweest, maar zij had er dagen van genoten...

Sluiten