Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kaart opzij; jakkes, een bal bij Loes was altijd in-saai, en dan... ze had nu geen lust aan zoo iets te denken, want daar had je weêr een brief uit Engeland; het zou er nu van 't najaar wel van komen I Eerst nog logeeren bij grootma van 't zomer, een heerlijken langen zomer hebben op De Groote Brink. En dan in October of zoo naar Hampton: haar zeventienden verjaardag in December vierde ze dan al op een Engelsche estate 1 — Nu het er zoo dicht voorstond wist ze heusch niet of ze 't leuk vond of niet; ze zag er niet meer tegen op als van 't zomer op De Groote Brink; dat was toen eigenlijk ook in-mal van haar geweest; het landleven maakte je menschenschuw, voelde ze nu wel; ze had dezen winter in Den Haag zoo veel menschen gezien dat ze er niets meer tegen op zag er in Engeland nóg wat meer te zullen ontmoeten. Er was eigenlijk niets aan: je te „mouveeren", als je maar niet dacht aan verlegen zijn.

De Richbournes waren enorm rijk; ze woonden op een soort van kasteel, zoo'n echt Engelsche estate, met heel veel bedienden, en waar 's middags voor 't diner grande toitette werd gemaakt, geloofde ze. Er waren twee meisjes ongeveer van haar leeftijd en dan nog een paar oudere zusters en een paar broêrs. Verbeeld je dat ze daar in Engeland eens een avontuur beleefde 1! Maar neen, ze wilde Freddy tróuw blijven; hij behoefde heusch niet bang te zijn, die snoes I...

X

Zij zat in het rijtuig en knoopte haar handschoenen dicht. Foei, wat 'n soesa vandaag, en dat allemaal voor zoo'n criant saaie troep als de van Heuvells. Eer ze dat weêr deed 1

Heerlijk achterover leunend in de kussens van het coupétje, haar oog door 't raampje naar buiten, waar de huizen van het Nassauplein en de Javastraat in den donker voorbij gleden — dacht zij aan de drukte van dien dag. 's Morgens was haar japon er niet geweest zooals de naaister beloofd had. Zij nog om half twaalf zelf er naar toe, in de Riemerstraat, met Miss Norton; daar gepast in een horribel kamertje, waar het naar uien rook of de hemel mocht weten wat voor poespas. Toen ze eindelijk klaar en weêr buiten waren, had ze in de verte op den Princessewal Fré van Hemert zien aankomen, met nog een officier. Ze had haar hersens gepijnd op een boodschap in de Prinsenstraat, wilde hem tegenkomen, had hem in dagen niet gezien; en Juf

Sluiten