Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze had nu eenmaal lust om iets geks te doen, ze wist zelf niet waarom...

VII

Benige dagen later, op een morgen, dat zij met de honden op den landweg liep achter De Groote Brink, — zij wilde naar haar plekje „op de heuvels" gaan, om daar in de koelte eens eindelijk Ferdinand Huyck uit te lezen, waar ze twee jaren geleden aan was begonnen — kwam zij hem tegen. En... was het heusch waar, ja werkelijk: hij droeg het bruine jasje, waarin zij zich hem gedacht had I Van verre had zij hem langzaam zien aankomen, op 't kleine paadje naast het karrespoor; hij keek naar den grond en af en toe naar de heesters opzij, een enkele maal ook naar de lucht, die blauw te branden stond boven de van hitte verschroeide aarde. Hij hield een boekje in de hand, waaruit hij blijkbaar had loopen lezen. Eerst toen hij vlak bij genaderd was, merkte hij haar op.

— Hé, goeie morgen, juffrouw Hada. Hoe maakt u het ? lichtte hij zijn witten panama met neêrgebogen rand. — li is zeker op weg naar een koel plekje, met uw boek. Kunt u er mij ook zoo een wijzen ? Ik loop al een uur te zoeken naar wat schaduw, maar ik weet hier den weg niet. Of vindt u mijn vraag onbescheiden ?...

Zij lachte wat verlegen, vond den toestand wel een beetje gek. Behalve de „heuvels" was hier in de buurt niet veel bosch, tenzij ze naar den Brink gingen. Verbeeld-je dat juffrouw Verheide ze samen vond zitten, of de tuinman; gracious me 1 Enfin, don't matter ook eigenlijk: ze waren buiten en daar hoefde je 't zoo nauw met de etiquette niet te nemen. Ook kwam er zelden iemand op „de heuvels" en als ... welnu, m'en fiché 1

— Als u me belooft heel stil te gaan zitten lezen, mag u meê naar mijn plekje, want veel keuze is hier niet...

Zij hoorde het zich zeggen op een toon van lichte coquetterie. M'n hemel, waarom zeg ik dat zoo... dacht zij. Hij moet denken dat ik met hem flirten wil.

Ze gingen nu samen den landweg tusschen 't kreupelhout aan weerszijden, tot ze bij de droge greppel linksaf sloegen en langs de bruin-rosse hellingen van smalle strooken naaldboom-bosch het zandpaadje volgden, dat naar de eigenlijke „heuvels" leidde. Slank pijlden de dennenstammen omhoog, gulden gepantserd in 't licht; hoog hieven de boomen hun

Sluiten