Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eerste wat hij zag Annie's gezicht in haar verwarde blonde haren over hem heen. Zij sloeg haren arm om zijn hals en kuste hem op het voorhoofd.

-~ Wim, het spijt me zoo... ik ben zoo'n mispunt...

Hij glimlachte om die meisjes-uitdrukking; dan trok hij haar teeder tegen zich aan en kuste haar.

— Ik wist wel dat het alles weêr goed zou worden, lieveling. Wij hebben elkaar immers hef?

Zij klemde zich aan hem vast, gaf hem zijn kussen terug, vol op den mond nu. - Ja. ja! ik hoü van je; ik hoü van je ... fluisterde zij.

In de veilige omsluiting van de kamer, vol gevloeid van morgenschijn, gaven zij zich aan hunne hefde, die zij, na het incident, te krachtiger voelden opbloeien.

ZESDE HOOFDSTUK

Afdwalingen

I

Qp een warmen ochtend in het begin van Juni gleden ,7, IAni* T« Kraane en Ada van Hemert op hare blinkende rijwielen langs het Kanaal. Annie liet in haar linkerhand het door de bruine hoes omsloten tennisracket lichtjes heen en weer schommelen; met een paar vingers van hare rechter hield ze het stuur in bedwang, maar de fiets liep van zelf, rechtuit, heerlijk smijdig; overmoedig liet zij af en toe het handle geheel los, deed hare geel-leêren voetjes rusten op de pedalen en luisterde naar het snorren van haar freewheel

— Kan jij Iosrijën? riep zij achterom naar Ada, die even was uitgeweken voor een kar en nu sneller aantrapte om Annie in te halen. Ada probeerde, maar haar voorwiel slingerde; met een galletje greep zij het stuur weêr vast.

Annie zag op naar de hooge Kanaalhuizen, het verderop haar oog gaan over t frisch groen, nog jonge geboomt, dan keek zij weêr naar Ada in haar lichte toiletje en haar eigen trappende beenen onder den wit-piqué rok. Zij voelde zich zoo jong en zoo jolig; kon zich haast niet voorstellen dat zij de moeder was van een kind.

Sluiten