Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een paar dagen na Sint Nicolaas en haren verjaardag — dat Annie, boodschappen gedaan hebbende in de stad, van de Zeestraat de Sophialaan insloeg, om over 't Plein 13 en door de Javastraat naar huis te gaan. Bij het Nassauplein, bedacht ze, nog wel even bij moeder te kunnen aanloopen om iets te vragen over een naaister, die haar gerecommandeerd was en, meende zij, voor moeder wel eens werkte. Het was niet een van moeders jourdagen en geen mooi weêr; dus zou ze moeder wel thuis treffen.

In de Laan Copes belde zij aan, en Keetje, het tweede meisje, deed open. Jawel, mevrouw was thuis: in de achterkamer; mevrouw had bezoek: meneer van Hemert was er.

Annie, al binnen, zag aan den kapstok een blauwe officiersjas hangen; haar hart klopte; met felle bonzing sloeg het bloed naar haar hoofd. Een oogenblik dacht zij er over terug te gaan: ze wilde hem immers niet weêr ontmoeten; maar got 1 ze wist niet dat mama Fré ontving anders dan, af en toe, een officieele vizite op een van haar jours. Op Zaterdag ontving moeder nooit... hoe kwam dan nu Fré ... o, ze moest weten, ze moest zien wat dat was... tusschen moeder en Fré. Was er iets tusschen hen 1... m'n got, m'n got 1...

Zonder te wachten dat het meisje haar zou hebben aangediend snélde zij de trap op, opende de deur van de achterkamer. Het was in 't groote vertrek met de vele meubels vrij donker; alleen bij de ramen, waar de dag vaal door naar binnen viel en waarachter, in het perspectief van den tuin, de zwarte takken schimden, was het nog licht. Daar, in den hoek, waar de canapé stond, als een soort van rustbank met een perzisch kleed, zag zij moeder in de houding waarin zij gewoonlijk haar vond, half liggende, half zittend, — en tegenover haar. dicht bij haar, op een stoel, Fré, een weinig naar haar over gebogen.

Den knop van de deur nog in de hand bleef Annie even staan, achterdochtig. Zij was geen onschuldig meisje meer als eens, op De Elze. Zij was een getrouwde, mondaine vrouw, die veel Fransche romans gelezen had, en in wier hoofd zich — wanneer zij een man en een vrouw te zamen zag — als met een vlugge gemakkelijkheid van perverse verbeelding, terstond heele geschiedenisjes vormden, veronderstellingen afteekenden, als geschetst met enkele lijnen van combinatie, vhegens-snel. Een jaloezie schrijnde als met gloeiende naalden door hare ziel, die enkele seconden dat zij — den deurknop in de hand — die beiden bij 'traam daar zitten zag: moeder er/ Fré...

Sluiten