Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

menschenhand, waar, ergens onder dat streelende ruwe, zoo'n heerlijke smaak verborgen is. Zij waren nog bezig mijn handen te belikken, dicht tegen mij aan genesteld, toen er ver achter ons, nauwelijks hoorbaar, een takje knapte. Nu verklapt een krakende tak alles wat er in de wildernis gebeurt, want, merkwaardig genoeg, er zijn geen twee dieren, die zich op dezelfde manier verraden, zelfs niet als ze op het dunste twijgje trappen. Een beer gaat met zwaar, onverschillig gekraak, behalve wanneer hij zijn prooi besluipt. De hoef van een eland dempt het geluid van den tak, dien hij verpletterde, nog eer het hem eigenlijk goed verraden kan. Als een hert een takje breekt, wanneer het door 't bosch snelt, geeft dat een licht, kort, knappend geluid, als 't „plop" van een regendroppel in het meer. En het geluid, dat wij nu achter ons hoorden, kon onmogelijk iets anders zijn: de moeder van mijn onschuldige kleintjes was in aantocht. Ik wilde haar niet graag verschrikken en de oorzaak zijn, dat zij hun dat jeugdige vertrouwen voor goed ontnam. Daarom haastte ik mij naar het hol terug, met de kleintjes naast mij huppelend. Eer ik halverwege was, brak er weer met een korten knap een tak; er schoof een geritsel door het kreupelhout, een hinde sprong te voorschijn, en blaatte zachtjes, toen ze den stam in 't oog kreeg,

Sluiten