Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meer naar hen te hengelen, want ze kenden alle kunstvliegen uit mijn verzameling: de nieuwe soorten konden ze al van de oude onderscheiden, voor ze 't water nog raakten; en ze schenen best te weten, èn door hun instinct èn door hun ondervinding, dat het toch maar bedrog was, dat ze voor hun part net andersom genoemd mochten worden dan ze heetten. Dan kwam er nog bij dat de forellen lui waren en niet boven wilden komen. Maar 's nachts was het anders; dan kwamen er forellen uit de kom om in 't ondiepe water langs den oever rond te loeren en af te wachten wat voor lekkere hapjes de duisternis wel schafte — in den vorm van nachtkevers, van kikkers, die onbezorgd zaten te kwaken, van slaperige voorntjes. Wie dan een vuur op het strand brandde en een vlieg met zilveren vlerkjes in de lichtstreep, die over 't water viel, uitgooide, ving wel eens een dikkerd.

Het was altijd heel spannend, of de forellen boven zouden komen of niet. Ik moest als 't ware met mijn ooren visschen en al mijn verstand bijna in mijn handen hebben — klaar om gauw en krachtig op te halen, als het juiste oogenblik gekomen was na een uur lang vergeefsch ingooien. De helft van den tijd zag je den visch niet eens, hoorde je alleen den harden plons, als hij met de vlieg naar beneden schoot, dat het water wielde. Haalde ik een

Sluiten