Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gingen van de oude vogels, dat het tijd werd hun groote vleugels eens te gaan gebruiken. Het laatste, wat ik door mijn verrekijker van hen zag, was de moeder in een boom en de vader in een anderen, elk met een visch in den bek, dien zij den jongen voorhielden. De leege ruimte tusschen hen in was slechts tergend klein en in, vischarend taal beduidden ze de jongen dat ze hem maar moesten komen halen. De kleintjes, van hun kant, rekten hongerig hals en vleugels uit en probeerden den visch naar zich toe te fluiten, zooals iemand zou doen, die een hond van den overkant der straat bij zich roept. Tijdens mijn korte afwezigheid hadden moederlijke list en moederlijk geduld hun goede uitwerking gedaan. De jongen vlogen al best. Nu waren ze blijkbaar op hun eerste vischles uit, en ik hield zelf met hengelen op, om eens op te letten hoe dat in zijn werk zou gaan. — Mijn aas zonk in de modder, waar een aal mijn vischhaken al gauw in een ouden boomwortel verward maakte. — Want Ismaques en zijn familie visschen niet uit instinct, maar hebben het zich eenvoudig aangewend. Zij weten, evenals de jonge otters, alleen uit dagelijksche ondervinding dat visch hun eigenlijke voedsel is, en geen hazelhoenders en geen konijntjes. Stond het aan henzelf, vooral wanneer ze met vleesch grootgebracht en daarna waren losgelaten, dan zouden ze dadelijk

Sluiten