Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nog wel zooveel fut, dat ze zoo'n beetje aan de oppervlakte konden rondzwemmen. Toen de visschers naderden, zat ik als gewoonlijk tusschen de rotsen en keerde mij om om de moeder voor haar Tsj'wie? te bedanken. Maar mijn listig beraamde plan, om er achter te komen hoe zij te werk gingen, liep op niets uit, of het moest wezen dat het lesgeven en door verstoord werd. Zij kregen mijn lokaas onmiddellijk in 't oog. Een van de jongen schoot er dadelijk zonder eenige overweging op los, dook zonder zijn visch te grijpen, steeg weer op, plonsde er nog eens in, en ditmaal had hij hem en ging hij er druipend mee van door. De tweede nam er zijn tijd voor, schoot toen pijlsnel schuin naar beneden en ving zijn visch zonder duiken. Het onderricht was al bijna afgeloopen, nog eer het begonnen was. De moeder bleef een poosje rondkringen, alsof het haar een raadsel was, terwijl ze de jeugdige visschers nakeek, die klapwiekend over de helling naar hun nest vlogen. Er was iets niet in den haak. Zij had genoeg gevischt om te weten dat slagen nog iets anders beteekent dan boffen; en vanmorgen was het te gemakkelijk gegaan. Zij kringde langzaam boven de zandbanken, waar zij de visch bekeek, die daar klaarblijkelijk niet thuis hoorde, en daalde om eens achterdochtig een dikken zwartvisch te onderzoeken, die met

Sluiten