Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boven mij; steeds keert hij op zijn vorige vlucht terug, maar altijd hooger dan zijn laatsten cirkel, als door een machtig doel bezield. Rustig glijdt hij omhoog op de eindelooze trap der winden, die onder hem wegglipt. Zonder haast, zonder inspanning, door een wending slechts van zijn breed uitgespreide vleugelschachten — zoo gering, dat mijn oog het niet meer kan waarnemen — kringt hij naar boven, terwijl de aarde zich al wijder en wijder beneden hem uitstrekt, en rivieren als zilveren linten in den zonneschijn sparkelen door het groene boschtapijt, dat uitgespreid ligt over berg en dal tot aan den versten gezichteinder. Maar de kringen worden hoe langer hoe kleiner, totdat de reusachtige spiraallijn haar toppunt bereikt heeft en hij daar in de lucht hangt, met rustigen, vlammenden blik Jesaja's koninklijk gebied overziet, als een kolibrietje, dat zich wiegelt boven den grooten bloemkelk der aarde. Hij staat zoo hoog, dat het mij is, alsof hij over de grenzen van het bestaande heen kan kijken en onze aarde als een grooten bol, met niets, niets, onder zich en hij zelf alleen er boven, in den blauwen ether ziet drijven. En hij blijft daar dobberen, wiegelen, deinen in de snorrende luchtstroomen, die hem omvangen houden met hun zachte armen. Zij worden niet moe hem te liefkoozen en streelen hem teeder de wieken, als een forsche, sterke

Sluiten