Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als ze zoo iets tegenkomen. Ik heb zoo dikwijls vogels en andere dieren bij hun doode jongen, bij een dood mannetje of wijfje waargenomen. Totdat het lijfje koud begint te worden, behandelen zij het, alsof het sliep; dan krijgen ze echter argwaan, kijken er met wantrouwige blikken naar, besnuffelen het op een afstand zonder er met hun neus aan te raken, en glijden eindelijk weg, zich verbaasd afvragend waarom het zoo koud is, waarom het niet beweegt, of niet komt, wanneer het geroepen wordt. Dan hooren wij ze aan alle kanten in het kreupelhout roepen en het diertje, dat ze net verlaten hebben, elders zoeken.

Voor zoover mij bekend is, zou er in het dierenleven op dien algemeen geldenden regel maar één uitzondering mogelijk zijn, en wel bij de mieren, waar de dooden door sommige soorten begraven worden, en bij de bijen, die de darren, als hun tijd gekomen is, om het leven brengen. Die wezentjes zijn echter nog te weinig bekend, zijn nog zoo raadselachtig, er is zoo'n tegenstrijdigheid in de mengeling van oliedomheid en verstandig overleg, daj: wij ér nog geen duidelijke theorie op kunnen nahouden, in hoeverre zij helder denken of blindelings hun instinct volgen, of in hoeverre zij de beteekenis beseffen van wat ze hun geheele leven door eiken dag doen.

Sluiten