Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beer, dien ik 's zomers eens vond. Hij was als gewoonlijk onder een boomwortel gaan liggen om zijn winterslaap te houden, maar niet ontwaakt, toen de sneeuw was verdwenen en de lentezon hem vroolijk wakker riep. 't Gebeurt ook wel eens met het zegevierende bewustzijn van eigen geslepenheid, als bij sommige eenden, die, wanneer ze gewond zijn, onder water een wortel beetpakken en daar sterven met de gedachte, dat ze daar prachtig aan hun vijanden ontkomen zijn. Dan weer is het een instinct, dat hen roept zonder dat ze weten waarheen, vaag en onbeschrijfeüjk. Zoo is het bij de rendieren, die dikwijls ver wegloopen naar een plaats, waar ze nooit zijn geweest, waar vroegere geslachten hun voorgegaan zijn; en daar gaan ze liggen, zich afvragend waarom zij zoo slaperig zijn en waarom lekker mos en drinkwater hun zoo niets kunnen schelen, terwijl boven hen delorkeboomen zachtjes heen- en weerschommelen. Een enkelen keer is het ook een blinde aandrift om maar weg te komen. Verscheiden vogels voelen zoo; die vliegen recht de zee in, totdat ze niet meer kunnen; dan vouwen zij hun moede vleugels op en zijn in slaap gevallen, eer de oceaan ze nog aanraakt. Het kon wel eens wezen, dat uw kanarie op zekeren dag met zijn ongeoefende wiekjes onophoudelijk tegen de tralies van zijn kooi opflad-

Sluiten