Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I.

"Waarde In het oude Bijbelboek — een der zéér weinige ▼an Tucht, boeken, die door de eeuwen heen hun waarde be-

Ihielden voor allen — vinden wij op menige plaats, in de Psalmen, in het Boek Job en in de Spreuken vooral, gewezen op de groote, waarachtige waarde van tucht en zelftucht. Is nu het tegenwoordige menschengeslacht, is met name het Nederlandsche volk wel voldoende van die wijsheid der eeuwen doordrongen? Neen!

Wij zien hier geen eere geven wien eere toekomt. Wij zien geen vrijwillige en bewuste onderwerping aan het gezag. Wij zien geene erkenning van de noodzakelijkheid van orde en regelmaat in alles. Wij zien niet erkend het overwicht van de grijsheid op de jeugd, van het ontwikkeld verstand op de domheid, van den drager van zedelijke hoogheid op de zedelijk lager staanden.

Wij zien niets dan een ordeloos, tuchteloos dringen en duwen en jagen naar wat begeerlijk schijnt. Een jagen naar 't bezit van stoffelijke dingen. En of dit nu de vruchten uit buurmans tuin dan wel andermans geld of de een of andere winstgevende betrekking betreft, overal geschiedt dat jagen en dringen en duwen met volkomen verwaarloozing en verachting van de dingen, die eeuwig gegolden hebben als de onmisbare steunsels der beschaving: besef van het Hoogere, ontzag voor de grijsheid, eerbied voor de zwakken, ridderlijkheid tegenover de vrouw en onderscheiding van het mijn en dijn.

Wat de kern is der godsdienstige moraal van alle godsdienststichters zonder onderscheid, van Jezus als van Mozes, van Boeddha als van Mohamed, van Lao Tze als van Confusius: doe een ander niet, wat gij in gelijk geval zelf niet gedaan zoudt willen wezen, wordt slechts door eene minderheid beleden en door nog kleinere minderheid metterdaad beoefend.

Sluiten