Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaande kneveling1 en onderdrukking op politiek- en uitbuitingop economisch terrein, plaatst zich de onafhankelijke vakorganisatie zonder eenig voorbehoud op het standpunt van den klassenstrijd en wil zijn de zelfstandige, onafhankelijke, op vrijwillige samenwerking berustende klasse-organisatie van de arbeiders.

Ziende dat de bezittende klasse tevens is de machthebbende klasse, doordat de bezitters van alle mogelijke politieke en godsdienstige overtuiging zich steeds hechter aaneensluiten in den strijd tegen de arbeiders, wil de onafhankelijke vakorganisatie de arbeiders organiseeren, ongeacht hun politieke- of godsdienstige meeningverschillen. Zij stelt zich daarvoor tot taak, het behartigen hunner oogenblikkelijke en toekomstige belangen, door bestrijding van de kapitalistisch» productiewijze, overal waar die zich openbaart op economisch of politiek terrein.

Erkennende dat de klassenstrijd het noodwendig gevolg is van het privaateigendom van grond en arbeidsmiddelen, acht de onafhankelijke vakorganisatie haar doel gelegen in d» socialiseering daarvan en meent zij dat de vakvereenigingen zich in de toekomst zullen ontwikkelen tot productieve voortbrengingsgroepen, die de voortbrenging en verdeeling van den maatschappelijken rijkdom althans in hoofdzaak hebben te regelen.

Erkennende eindelijk dat de onafhankelijke vakorganisatie zich pas met succes kan wijden aan haar taak, als de politieke- en godsdienstige meeningverschillen der leden geen invloed hebben op hare strijdmiddelen, verklaart zij dat haar strijd is een economische, d.w.z. dat zij haar doel niet tracht te bereiken door het geven van opdrachten aan leden van kapitalistische bestuurslichamen, maar door een. rechtstreekschen druk, door de arbeiders zeiven uitgeoefend in alle richtingen."

Deze beginselverklaring nu, wordt gezegd, is voor een vakcentrale absoluut verkeerd.

De Christelijken en R. K. metken aan dat het verkeerd is te spreken over „klassenstrija' en niet minder om te propageeren voor de socialiseering der productiemiddelen, dat is socialisme; niets is er volgens hen wat 't geluk der menschheid en de sociale orde meer bedreigt dan dat. Dat het moderne kapitalisme van heden de sociale orde niet verstoort, sullen ze moeilijk kunnen beweren.

Klassenstrijd mag niet worden gepropageerd. Dat is in strijd met het Christelijk beginsel van liefde tot alle menschen. Er moet worden gezocht naar wat de menschen vereenigt; er mag geen scheiding^worden gebracht tusschen de werkgevers en arbeiders, veel minder haat gezaaid,

Sluiten