Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het wezen der christelijke, roomscrr-kath., neutrale en sociaaldemocratisch-moderne vakbeweging.

Wij merkten hiervoor reeds op, dat de vier „stroomingen" in de Nederlandsche vakbeweging, naast de onafhankelijke vakbeweging, in wezen niet van elkander verschillen. De Christelijken en Roomsch-Katholieken verwerpen den klassenstrijd om principieele redenen. De Neutralen staan eveneens op het anti-klassenstrijdstandpunt. De leiders der Sociaaldemocratische vakvereenigingen zeggen te staan op het standpunt van den klassenstrijd, doch ontwijken den strijd en zoeken naar allerlei middelen, om, evenals de Christelijken en R.K. dat beoogen: den socialen vrede te verzekeren. Hun „drijven", naar het afsluiten van collectieve arbeidscontracten is daarvoor een sterk bewijs, hoewel bij het in werking treden van de Wet op het Arbeidscontract door een der sociaaldemocratische leiders, den heer Spiekman, werd gezegd: „dat het zijn vaste overtuiging was, dat voor de vakbeweging elke wettelijke opzeggingstermijn op den duur noodlottige en sterk belemmerende gevolgen heeft".

Van Achterbergh, de voorzitter van den Centralen Bond van Bouwvakarbeiders, schreef eens in het orgaan van genoemden bond:

„Het is sinds lang onze overtuiging, dat de verhoudingen, zooals die in Amsterdam bestaan, maar vooral het aangenomen werk, een nimmer opgedroogde bron van conflicten is, een instituut noodzakelijk maken, dat snel bemiddelend kan optreden.

Van een afdoende regeling kan echter bij den onderlingen strijd tusschen de arbeiders nog geen sprake zijn. Een voorloopige oplossing, maar waarmee reeds veel zou worden bereikt, zou zijn, dat de A.P.V. (Amsterdamsche Patroons-Vereeniging) een instituut schiep, dat, indien de onderhandelingen tusschen de patroons- en de arbeidersorganisaties niet wilden vlotten, snel een poging zou kunnen doen om een conflict te voorkomen."

Sluiten