Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vertrouwder met het water en zoodoende handelbaarder, wat het lesgeven gemakkelijker maakt.

I). Welke eischen moet en mag men stellen om te beoordeelen of de leerling zwemmer is?

De gestelde eischen zijn zeer verschillend.

In Koningsberg eischt men, dat de leerling 15 minuten achtereen met correcten slag zwemt. Deze eisch is voor kinderen van 10 tot 15 jaar veel te zwaar.

De eisch van 100 M. zwemmen, voorafgegaan door een sprong van een 1.50 M. hooge springplank of -toren, die te Schlawe wordt gesteld, is eveneens te zwaar.

Beter zijn de eischen, die in de volgende steden gelden:

In Dresden 28 M. met goeden slag; In Hannover 20 M.;

In Leipzig eveneens 20 M. in correcte houding en met zuiveren slag; In Hamburg 20 M.

Te Groningen is in 1916 voor het schoolzwemmen de eisch gesteld, dat een leerling de breedte van het zwembassin (± 20 M.) met een zuiveren slag en regelmatige ademhaling moet afleggen.

Het is werkelijk overbodig aan een jeugdigen leerling een grooteren eisch te stellen dan 20 M., daar zeer goede leerlingen met correcten slag en regelmatige ademhaling ook best 60, 80 ja 100 M. kunnen afleggen, want voor deze afstanden is nog geen merkbare krachtsinspanning noodig.

Gewoonlijk, in een warmen zomer, kan het meerendeel der leerlingen het borstzwemmen leeren. Zijn er bij het einde nog leerlingen, die het slechts hebben gebracht tot kurk-zwemmers of die - 10 M. kunnen afleggen, of zij, die hoogstens 10 a 12 zwemslagen zonder vest zwemmen, zulke leerlingen kunnen in een volgend

3

Sluiten