Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om het redden van drenkelingen goed te leeren, moet men het in alle onderdeelen beoefenen. Deze zijn:

l6. Het gekleed borst-, zij- en rugzwemmen, benevens bet watertrappen.

2e. Het gekleed te water springen en duiken.

3e. Het gekleed onderwater zwemmen en in helder water daarbij de oogen te openen.

4e. Het leeren opduiken van in diep water (2 a 4 M.) geworpen witte bordjes, steenen en zandzakjes.

5e. Het rug- en zijzwemmen met een pop ter grootte

van en met het gewicht van een volwassen mensch.

6e. Het opduiken van de pop en deze naar den wal brengen.

7e. Het aanleeren op het droge van de verschillende handgrepen bij hei redden noodig.

86. Het opwekken der levensgeesten volgens verschillende methoden.

9e. Het zwemmend redden van drenkelingen en het opwekken der levensgeesten bij schijndooden.

1. Het borst-, rug- en zijzwemmen, gekleed en met schoenen aan, mag niet langer dan 15 a 20 minuten duren. Hierbij moet de leerling ongeveer 70 M. met den borst- of zijslag kunnen afleggen en, op den rug zwemmende, waarbij de armen op de horst gekruist zijn, ongeveer 35 M.

Het watertrappen wordt op de volgende wijze geleerd: het lichaam wordt loodrecht in het water gehouden, zoodat het hoofd en de schouders er bovenuit steken. De beenen maken dezelfde beweging als bij het borstzwemmen, met dit verschil, dat de knieën niet zoo hoog worden opgetrokken. De armen zijn flauw gebogen, de handen voor de borst; deze moeten met de handpalmen naar omlaag gericht in hetzelfde tempo van den been-

Sluiten