Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

strooken, worden gevolgd door het tweede, derde, vierde boord, overnaadsch op elkander bevestigd; het laatste boord, waaraan de uitleggers vastgehecht zijn, heet het topboord. 'Langs de topboorden loopen in de lengteas van de boot de gundels, terwijl de dunne en dikke bintjes, die dwars over de boot loopen, en z.g. diagonaallatten, gesteund door pilaartjes, voor het verdere verband zorgen.

De dikke binten zijn door staalplaten met het topboord verbonden ter plaatse, waar de uitlegger is vastgezet.

Verder heeft men op de dwarsbinten de loopers, waarop de glijbank rolt. Recht tegenover de glijbank bevinden zich de voetborden met voetbordbeugels.

De voetborden zitten met houtjes vast in gaatjes in de kielschijntjes, en verder met schroeven in de gundelschijntjes.

Voorts onderscheidt men nog de vloerplankjes ter bescherming van de huid van de boot, en bij den boeg de waterbreker, die bescherming biedt tegen de overslaande golven.

Bij de racebooten bestaat de huid uit lange, breede en zeer dunne bladen hout, die door stoom gebogen zijn, en zóó dicht tegen elkander sluiten, dat het geheele uitwendige een gladde oppervlakte vertoont.

Het hout, dat zich het best hiertoe leent, is het Amerikaansch Ceder. Bij zwaardere booten gebruikt men ook eiken of mahoniehout. Door de boot te vernissen, beschut men het hout tegen invloeden van het water.

De groote lengte der wedstrijdbooten heeft de uitvinding der demontabele booten in de hand gewerkt.

De drie stukken, waaruit de boot bestaat, kunnen tegen elkaar bevestigd worden, zóó, dat de boot toch volkomen waterdicht is.

Sluiten