Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en in kritieke, onvoorziene gevallen tot snel handelen gereed zijn.

Men voelt, hoe dit alles van iemand meer persoonlijke eigenschappen vordert dan het riemroeien.

De wedstrijdsculler is een groot kunstenaar en naar gelang zijner gaven is hij voorbestemd om het hoogste te bereiken, wat op wedstrijdgebied denkbaar is, het winnen der „Diamond Sculls" op de Henley-Regatta!

Eén Hollander heeft het bereikt: de Amstelsculler Ooms. Blussé van de Hoop dong in latere jaren ook mede, doch een zonnesteek deed al zijn goede kansen in rook opgaan.

Een sculler moet zijn krachtig, lenig, vooral niet te kort en te zwaar met een gewicht tusschen 75 en 85 kilo.

De been-, rug- en schouderspieren moeten extra goed ontwikkeld zijn. De scullers met succesvolle loopbaan zijn meest jonge mannen van 20 jaar en ouder. Echter zijn er ook voorbeelden, dat mannen van 40 jaar, zooals Blackstaffe en Max Sommerfeld winnaars bleven resp. van de OlympiaRegatta en het Kampioenschap van Duitschland.

De stijl van het scullen is een gansch andere dan die van het riemroeien.

In plaats van een krachtigen inzet, een kalme inzet zonder kracht, daarna een enorm harden doorhaal met verren doorzwaai.

De Engelsche amateur moet ook bij het scullen als onze beste leermeester worden aangemerkt en zijn stijl zal dan ook in bijzonderheden nader worden besproken.

Om het scullen grondig te leeren, dient riemroeien vóórafgegaan te zijn en daarna veel, zeer veel scullen in een wherry.

Lange afstanden in een wherry met rolbanken geroeid, waarbij gelet wordt op de fouten, is de

Sluiten