Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

Met genoegen voldoe ik aan het verzoek der schrijvers, deze handleiding met een enkel woord te willen inleiden.

Hoewel zelf geen specialist zijnde in deze tak van sport, durf ik deze handleiding gerust aan de liefhebbers van het worstelen aan te bevelen, omdat ik volkomen vertrouwen heb in de bevoegdheid der beide schrijvers. Immers het waren de Heeren Brands en Ploeger, die met buitengewoon succes de Nederlandsche deelnemers aan de worstelwedstrijden der Olympische Spelen, in 1912 te Stockholm gehouden, hebben voorbereid of zooals de sportieve term luidt, getraind. Onze vertegenwoordigers sloegen bij deze kampen een uitstekend figuur tegenover de allerbeste amateurworstelaars van de wereld; een hunner, die in de laatste ronde ,er uit gewerkt" werd, behaalde een eervolle vermelding. Ook als sportleeraar bij de Koninklijke Marine gaf de Heer Ploeger reeds vele bewijzen, een goed instructeur te zijn en zich rekenschap te geven van de moeilijkheden, die zich voor de pasbeginnenden voordoen.

Dat ook de Heer Brands op het gebied van worstelen volkomen bevoegd is, moge o. a. blijken uit het feit, dat het vooral aan hem te danken is, dat bij het worstelen thans alle gevaarlijke grepen verboden zijn en voorts uit de omstandigheid, dat hij herhaaldelijk werd uitgenoodigd, ook in het buitenland en onder meer bij de Olympische Spelen te Stockholm, als scheidsrechter op te treden.

Het worstelen behoort evenals het boksen, tot de natuurlijkste wijzen van zelfverdediging en is dan ook zoo oud als de menschheid.

Reeds door de oude Grieken en Romeinen werd het als sport beoefend, waarbij verschillende regels werden in acht genomen, welke regels thans nog den grondslag vormen voor de zoogenaamde Grieksch-Romeinsche stijl. Bij het worstelen volgens de vrije stijl (catch-as-catch-can) zijn de regels veel minder beperkend en zijn vele grepen en handelingen geoorloofd, welke bij het Grieksch-Romeinsch worstelen niet geoorloofd zijn. De regels, welke bij het Grieksch-Romeinsch worstelen zijn vastgesteld, hebben ten doel deze sport minder ruw en dus minder gevaarlijk te maken.

Te dikwijls nog wordt het wanbegrip verkondigd, dat het worstelen alleen moet worden beoefend door bijzonder sterke en zware personen. Er is geen enkele reden, waarom het worstelen niet zou kunnen worden beoefend door lichtere en ook door minder sterk gespierde personen, mits de inwendige organen in orde zijn en mits geen personen van vèr-uiteenloopend gewicht zich met elkaar meten. Wel echter moet het worstelen op te jeugdigen leeftijd, bijv. beneden de 20 jaar, worden ontraden, omdat dan het skelet nog onvoldoende gevormd is.

Het kan niet worden ontkend, dat het worstelen hooge eischen stelt aan het hart; bijna voortdurend wordt dit tengevolge van het voor het uitvoeren van de meeste grepen noodzakelijke vastzetten van de borstkas, aan een zeer hoogen druk onderworpen; ook van de longen wordt zeer

Sluiten