Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Latijnsche boeken van de Italiaansche pers, meerendeels met Romeinsche letter gedrukt, hoewel er eenige Gothische tusschen loopen. Eerst de werken over godgeleerdheid, wijsbegeerte en letteren, beginnende met een Thomas van Aquino van omstreeks 1470, gevolgd door verscheidene uitgaven van klassieken. Dan als eigen groep de geneeskundige werken, beginnende met twee zware standaardwerken, Pandectae van 1474 en Consilia, waarop eenige latere kleinere uitgaven volgen; van deze hebben we er verscheidene te danken aan het Genootschap ter bevordering der genees- en heelkunde, dat ze uit de boekerij van den Groningschen hoogleeraar J. Baart de la Faille had verkregen. Op het gebied der rechtsgeleerdheid is er, behalve een kleiner werk, het groote Venetiaansche Corpus juris in twee uitgaven.

De Italiaansche afdeeling wordt besloten met twee belangrijke boeken in de landstaal, een Dante, en de mooi geïllustreerde Hypnerotomachia van de Aldus-pers. Ongeveer twee derde van het geheele getal van 44 Italiaansche incunabelen is in Venetië gedrukt.

Veel geringer in aantal en beteekenis zijn de Fransche incunabelen, één van Toulouse, vier van Lyon en twee van Parijs, allen met Gothische letter.

Daarop komen de Duitsche incunabelen, de grootste afdeeling van de drie, meerendeels drukken van Keulen, Straatsburg, Basel, Neurenberg, Leipzig; bijna alle in het Latijn en met Gothische letter, betrekkelijk weinig bijzonder merkwaardige drukken, maar vele degelijke standaardwerken.

Ook deze afdeeling is ingedeeld naar de vakken. De hoofdgroep, beginnende met een paar van de oudere drukken van Ülrich Zeil te Keulen (c. 1470) bevat meest wijsgeerige en godgeleerde werken. Als afzonderlijke kleinere groep volgen 'eenige geschiedboeken, fasciculus temporum, speculum Jiistoriale, enz. en het kroniekenwerk van Schedel met zijn fraaie houtsneden, landschappen, stadsgezichten en kaarten. Dit werk was een van de voorname aanwinsten uit de oudste periode der stedelijke bibliotheek; de maker van den eersten catalogus heeft het bij uitzondering iets uitvoeriger beschreven met opgaaf van het jaartal der uitgave. Geneeskundige werken zijn er slechts weinig, maar daaronder is de merkwaardige hortus sanitatis. Daarna komt één rechtsgeleerd boek, een zwaar standaardwerk in twee groot-folio deelen, Chynus de Pistorio super codice.

Na al deze Latijnsche werken komen als kleine maar belangrijke slot-rubriek de Nederduitsche boeken: de Keulsche bijbel van c. 1480 in drie van elkander afwijkende exemplaren, de sermoenen van Jacobus de Voragine en de interessante bijbel van Steffen Arndes te Lubeck.

Bij een streven om geene te lange beschrijvingen te geven, is toch zooveel mogelijk gelet op de eigenaardigheden van den druk en op bijzonderheden, eigen aan het beschreven exemplaar. Over de typen zelve is, behalve de aanwijzing „Goth." of „Rom. letter", slechts een enkel maal iets gezegd, als het voor de tijdsbepaling van de uitgaaf van belang scheen; overigens mogen de verwijzingen naar de groote incunabelwerken volstaan. Wel is aangegeven, waar titels, opschriften, drukkersmerk of ook stukken tekst in rood zijn gedrukt, en waar — in latere incunabelen — houtsnee-initialen voorkomen. En natuurlijk is steeds van de eigenlijke houtsneeversiering melding gemaakt, 't zij deze alleen bestaat in een titelprent, 't zij dat ze dient tot verduidelijking van den tekst, zooals de mathematische en anatomische figuren, (zie no. 23, 39, 74, 102), de afbeeldingen van dieren, planten en steenen

Sluiten