Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11. Ovidius Naso (P-), Fasti. Cum interpret. Pauli Marsi Piscinatis.

Baptista Tortius a Neocastro Venetiis imprim. curavit 1482. f°.

192 bladen, Rom. letter in 2 grootten (tekst en interpretatie). Hain 12238, Cop. 4565, Proctor 4610.

Hier en daar bandschrift-aanlcekeningen van een scholier, o. a. deze mededeeling: „ego Michael Clausus sum possessor huins libri quod pergo ad ludum magistri Lodnvici de Andurno qui est bonus preceptor in sua grammatica et in sua scientia".

Perkamenten band met rugschildje.

12. Biblia latina. Versio vulgata. In urbe Venetiarum, caracteribus

Johannis dicti magni Herbort de Selgenstat 1484. 4°.

408 bladen, Goth. letter, 2 kolommen. De Interpretationes hebraicorum nominum die op den tekst volgen, zijn in 3 kol. gedrukt. Hain-Cop. 3091, Proctor 4693, Pellechet 2318. Van het eerste en het laatste blad is de tekst (de voor- resp. keerzijde was wit) uitgeknipt en opgeplakt. Die van het eerste blad is een „metricus ordo" van de bijbelboeken, aldus beginnende:

Generat: exodus: leui: numeri quoque deutro.

Josue: indicum: ruth: reges et paralipon. Esdre: neemias: esdras: tobiaque: iudith. Hester: iob: psallit: proverbia: ecclesiastes. Aan het slot, boven het colophon, eveneens een kreupeldicht op den bijbel en over de uitgaaf.

Beginletters in rood en blauw; de eerste met een ornetaent-teekening die zich

langs de marge uitstrekt. Aanteekeningen in handschrift. Lederen band uit de 17e eeuw. Behoort tot de Bibliotheca Rosenthaliana.

13. Gel[l]ius (Aulus), Noctium Atticarum commentarii. Impr. Brixiae

per Boninum de Boninis de Ragusia 1485. f°. 192 bladen, Rom. letter. Hain-Cop. 7521, Proctor 6958. Geene rubriceering, de beginletters oningevuld. Randglossen in Is., de bladen r ij en r v in 15e-eeuwsch schrift.

14. Lucanus (M. Ansaeus), Pharsalia, cum commentariis Omniboni.

Impr. Venetiis a Nicolao Battibove 1486. f°. 186 bladen, waarvan de eerste twee ontbreken. Het colophon is weggesneden.

Rom. letter in 2 grootte» (tekst en comment.). Hain 10238, Proctor 5106. In denzelfden band: Cicero, Lelius sive de Amicitia, en Paradoxa [Leuven

1483]. „Lucanus, cum commentariis" stond als no. 24 in pint. DD (poetae)

in de oude Amsterdamsche bibliotheek (1612).

15. Laurentius Vallensis, Opus elegantiarum. Impensa Antonii Pas-

qualini de Sancto Germano S. 1. 1487. f°. üitgeg. te Venetië. 98 bladen, Rom. letter.

Van de Elegantiae, het beroemde.werk van Laurentius Valla over de Latijnsche taal, vermeldt Hain 24 vijftiende-eeuwsche uitgaven (15800—15823), waaronder drie met het gedichtje, waarin Ant. Pasqualinus genoemd wordt, van de jaren 1476, 1480, 1483. Deze uitg. v. 1487 was hem niet bekend. Het gedichtje staat hier op de keerzijde van het laatste blad; het luidt aldus: Calphurnius

Antonio Pasqualino de Sancto Germano. Campaniae. S. Restituit quondam patriae vexilla Camillus,

Et raptas gallis solus ademit opes. Rettulit eloquium nostro Laurentius aevo,

Et capitolinae contulit arcis opem. Barbara cuncta iacent: sunt hoe et vindice pulsi

Quicunque a gothis signa relicta colunt, Quo tibi debebit semper studiosa iuventus,

Campani Antoni gloria magna soli. Nanque tua impensa totum vulgatur in orbein

Vallensis notus qnam fuit ante magis.

Sluiten