Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O 3 6 12 24. 48 96 192 384

4 4444 44 4 4

—ï J 10 16 28 52 ÏÖÖ 196 388

Mercurius. Yenus. Aarde. Mars. Asteroïden. Jupiter. Saturnus. TJranus. Neptunus. 3,9 7,2 10 15,2 52 95,4 191,8 300,6

De getallen onder de namen der planeten, zijn de werkelijke verhoudingsgetallen van de gemiddelde afstanden der planeten tot de zon. Voor de asteroïden is 28 een gemiddelde waarde.

De binnenplaneten. Onderstel de loopbaan der aarde in Fig. 42 in 't vlak van teekening. ZM en ZV stellen de projectiën voor der loopbanen van Mercurius en Venus op dat vlak. De hoeken, die deze vlakken met elkaar maken zijn gering; de hoek, dien het vlak der baan van Mercurius met het vlak der aardbaan maakt, bedraagt slechts 7°. De banen van alle andere planeten liggen in vlakken, die nog kleiner hoeken maken met de aardbaan. Wij stellen daarom, en omdat de elliptische banen zeer weinig excentrisch zijn, de banen in de figuur door cirkels voor.

De grootste elongatie van een binnenplaneet is de grootste hoek, waaronder uit de aarde, de middelpunten van zon en planeet zich vertoonen. In Fig. 42, waar AM" en AV" raaklijnen zijn, is /_ZAM" de grootste elongatie van Mercurius. Zij bedraagt ongeveer 28°. De grootste elongatie van Venus, voorgesteld door /_ZA V" bedraagt ongeveer 48°.

Fig. 42.

Wanneer de banen van Mercurius en Venus beschouwd werden als cirkels, dan kan de gemiddelde waarde der grootste elongatie ongeveer berekend worden met behulp van de verhoudingsgetallen van den regel van Bode.

Denkt men zich n.1. de lijnen ZM" en ZV" in Fig. 42 getrokken,

Sluiten