Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Is bij bovengenoemde aanwijzing tijdm. en stand de geg. W.T a/b des namiddags 4u55m en de geg. W.L. 61°30' dan is: Aanw. tijdm. = 7u4m 68 14 Juli geg. W. T..a/b = 4u55mN.M.

Stand=+2n3m 4S 14 s ; „ ,, =4u55m

M. T. Gr7== 9u7m108 geg. W.L. in tijd = 4" 6m

14 Juli geg. W. T. Gr. = 9U lm

Uit de gegiste-W.T.Gr. blijkt nu 14 Juli M. T. Gr. = 9u7m108.

In vraagstukken, waarin een aanwijzing tijdmeter met stand tot M.T.Gr. gegeven zijn, moet dus bovendien een geg. M.T. a/b of een geg. W. T. a/b en een geg. lengte gegeven zijn. Somtijds komt het voor dat in een vfaagstuk aanwijzing tijdmeter met stand en gegiste lengte gegeven zijn, terwijl wel op de eene of andere wijze kenbaar gemaakt is, dat het een vóór- of namiddag waarneming is, doch dat er geen bepaalden geg. M.T.a/b of geg. W.T.a/b gegeven is. Men moet dan door redeneering vinden of de M.T.Gr. voormiddag of namiddag is.

Voorbeeld.

30 Mei 19 . . op 20° Z.b. en 150° geg. O.L. is des namiddags bij aanw. tijdm. =z 10u38m408 de stand van den tijdmeter —3u10m188. Gevraagd de M.T.Gr.

Aanw. tijdm. = 10u38m408

stand = —3u10m188 uM?-.

M. T. Gr. = 7u28m228'

Neemt men nu aan dat de M. T. Gr. des namiddags is en past men de geg. L. in tijd toe, dan heeft men:

29 Mei M.T.Gr. = 7u28m228 N.M. 29 „ „ „ =7u28m229 geg. O.L. in tijd=10u

29 Mei geg. M.T.a/b = 17u28m228

30 „ „ „ = 5u28m228V.M.

Volgens de gegevens is echter de M.T.a/b op het oogenblik van de waarneming des namiddags, waaruit blijkt dat de M.T.Gr. des voormiddags is, derhalve

•30 Mei M.T.Gr.z= 7n28m228 V.M.

29 „ „ . „ =19u28m22s'

tgdmeter met stand, alleen een geg. L. bekend is. De gegevens

moeten in dat geval zoodanig gekozen zijn', dat weer door redeneering kan worden bepaald of de M.T.Gr. voormiddag of namiddag is

Zeevaartk., 8e dr. 13

Sluiten