Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij het gebruik van wisselstroomen is een enkele geleiding voldoende en kan het scheepsijzer als teruggeleiding worden gebruikt. Wisselstroomen blijven zonder invloed op het kompas.

Aangaande de compensatie schrijft Lloyd's verder nog voor: De kompassen moeten gecompenseerd worden, wanneer de dynamo's niet werken, daarna wordt het schip verschillende koersen voorgelegd, terwijl de dynamo volle kracht werkt, en onderzocht, of er afwijkingen zijn bij de verschillende mogelijke stroom-combinaties. Bij belangrijke afwijkingen moeten deze verholpen worden.

Een onderzoek is dan ook van belang met een in werking zijnde dynamo, terwijl de stroom niet door de leiding gaat.

Blijvende fouten werden vroeger aan boord der schepen van de Ned.-Am. Stoomv.-M.ij met goed gevolg opgeheven door middel van een electro-magneetje nabij het kompas, waarbij de stroom die door de windingen ging van de dynamo werd afgeleid. De electromagneet werkte dus alleen, als de dynamo werkte en de stroom doorliep.

VRAAGSTUKKEN.

1. Uit de waarnemingen is bevonden, dat de afwijkingen van een kompas bij de hoofdstreken en hoofdtusschenstreken zijn als volgt:

nj N. . . . — 4°,8

„ NO. ...-{- 5°,0

„ O. ... -f- 8°,3

„ ZO. ... -f 6°,8

„ Z. . . . + 4°,6

„ ZW. . . . + 0°,8

„ W. . . . — 7°,3

„ NW. . . . —12°,3

Gevraagd de afwijkingsformule voor dat kompas. 2. Uit de waarnemingen is bevonden, dat de afwijkingen van een kompas bij de hoofdstreken en hoofdtusschenstreken zijn als volgt:

nj N. . . . — 3°,2

„ NO. . . . +16°,8

„ O. . . . +20°,3

„ ZO. . . . +14°,7

Z. . . . + 3°,2

„ ZW. . . . — 9°,7

„ W. . . . —21°,2

„ NW. . . . —22°

Gevraagd de afwijkingsformule voor dat kompas. 3. Gevraagd de afwijkingen bij de koersen Noord, NNO, NO, ONO enz. als de coëfficiënten der afwijkingsformule de volgende waarden hebben.

A = -0°,21 B = +21°,64 C= -3°,45 en D = +3°,7

Sluiten