Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor het maansgetij M2 wordt de correctie gevonden uit de evenredigheid: 360° : L. verschil = 24°,38 : x.

Voorbeeld.

Men .vraagt het astronomisch argument te bepalen van het maansgetij M2 op 1 Januari 1920 voor een plaats gelegen op 60° O.L. Tafel XLVII geeft voor 1 Januari 1920 V. = 247° 24 38

^rrX60°=-4°

1 Jan. 1920, V op 60° OL = 243° Wanneer de veranderingen per dag van de astronomische argumenten der verschillende partieele getijden bekend zijn, dan is het niet moeilijk om het astron. argument voor een bepaalde plaats te berekenen op een anderen datum dan 1 Januari. De Tafels XLIXa voor de verschillende getijden vereenvoudigen die berekening belangrijk.

Voorbeeld.

Gevraagd het astronomisch argument van het maansgetij M2 voor een plaats op 60° W.L. op den 4en Juni 1926.

Tafel XLVII geeft voor 1 Jan. 1926 te Gr. V.= 55° Corr. voor 60° W.L. = +4° Corr. Tafel XLIXa (M2) voor 4 Juni = 155°

4 Juni 1926 V op 60° W.L. = 214° De correctie van Tafel XLIXa is als volgt berekend: van 1 Jan. tot 4 Juni zijn 154 dagen verloopen 154 X24°,38 = 3755° en 3755° gedeeld door 360 geeft 155° als rest..

Met behulp van de astronomische argumenten kan men nu ook de tijdstippen bepalen waarop op een bepaalde plaats, waarvan de lengte bekend is, voor een zekeren datum de verschillende partieele getijden hoog water geven. Het volgende voorbeeld zal dit nader toelichten.

VoorbeeldOp 3 Sept. 1926 wordt gevraagd hoe laat het maansgetij M2 hoog water geeft op een plaats waarvan de W.L. = 63°,6 Tafel XLVII 1 Jan. 1926 V. te Gr.= 55° corr. voor 63°,6 W.L. = +4° corr. Tafel XLIXa (M2) voor 3 Sept. = 213°

3 Sept. V = 272° Dit getal 272° geeft aan dat op den middelb. middag op de plaats het getij M2 nog 272° van phase moet veranderen, voor het daar H.W. maakt. Per uur verandert de phase 28°,98 en der272°

halve zal uur = 9U,4 na den middelb. middag het H.W.

28 ,98

gevormd worden.

272°

Tafel XLIX6 (M2) vervangt de deeling . Als men in deze tafel

Sluiten