Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaart op het zuiden te bevorderen dan handhaving van de bestaande regeling bepaalde reeds op 12 Maart d.a.v. een souverein besluit'), dat er geen verschil van heffing meer zou zijn; voorloopig zou dit tot 30 Juni 1814 gelden. Aan een nieuw verzoek van den Engelschen gezant op 25 Maart om deze voorloopige beschikking in een voortdurende te veranderen, werd althans dit gevolg gegeven, dat een tweede besluit den einddatum van de tijdelijke regeling tot 1 Januari 1815 verschoof'). Toen reeds drie dagen later de Engelschman opnieuw op een „absolute repeal of the obnoxious duties" 4) aandrong, werd ten gevolge daarvan, thans definitief, bij de wet van 14 Januari 1815 het Britsche zout bij den invoer met het van elders aangebrachte gelijkgesteld. In beginsel was hierdoor derhalve aan de Britsche wenschen voldaan.

Houding van Maar ook afgescheiden van de houding van Nederland ten opEngeiand. achte van de handelsbelangen van Engeland had deze staat voorloopig geen aanleiding zich in het bijzonder met het vraagstuk van een handelsverdrag met Nederland bezig te houden, daar zijn handelspolitiek weinig neiging tot toenadering vertoonde, integendeel na den val van Napoleon de protectionistische tendenzen bleef behouden, die het gedurende de oorlogsjaren had vertoond, ja zelfs deze op sommige belangrijke onderdeden nog versterkte.

Het systeem van bescherming, dat de Engelsche politiek in de achttiende eeuw ten opzichte van landbouw, nijverheid, scheepvaart en koloniën volgde en dat zich grootendeels uitte in een reeks van prohibitieve bepalingen omdebuitenlandschemededinginguit te sluiten, had kort vóór het uitbreken der Fransche revolutie door Pitt eenige wijziging ondergaan. Hij had een politiek geïnaugureerd, die in verschillende gevallen beschermende rechten, gebaseerd op reciprociteitsverdragen met het buitenland, voor het prohibitieve stelsel in de plaats stelde. Naar zijne meening moest Engeland, sinds het de Noord-Amerikaansche koloniën als markt had verloren, nieuwe afzetgebieden trachten te vinden en daartoe de prohibitie opgeven, de invoerrechten verlagen en zich bereid verklaren handelsverdragen met vreemde mogendheden te sluiten. Het belangrijke Eden-verdrag van 1787 met

») Nos. 3 en 4; ook nos. 8—10. *) No. 6. >) No. 12. *) No. 13.

Sluiten