Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sumtie harer schepelingen, de geheele Nederlandsche scheepvaart voor hare consumtie.

De groote visscherij, die slechts een gedeelte, omtrent l/s. van haar inzouting effectueerd met geraffineerd zout, is na de zoutziederijen de grootste koper, de tweede patroon van den buitenlandschen aanvoer van zout.

De riviervaart heeft insgelijks belang bij den zouthandel, wanneer de prijzen van het geraffineerd zout laag genoeg zijn om de kosten van het transport te kunnen verdragen en beneden de prijzen van het bovenlandsch zout blijven.

Alle deze en nog veele hierna aan te stippene belangens tot een toe zijn geïnteresseerd bij eene overvloedigen aanvoer van ruw zout en bij de modieke prijzen, die daaruit natuurlijk proflueeren.

Deze modieke prijzen vermeerderen de consumtie, vermeerderen de inkomende rechten op den ruimeren aanvoer van het ruw zout, vermeerderen den import op het geraffineerde consumtiezout, bevorderen de veeteelt en dus eenen der aanzienlijkste takken van den Nederlandschen landbouw, die tot de bewerking van het zuivel veel zout noodig heeft; het debiet der zoutevisch en van den haring vermeerdert door de vermindering van den prijs van het voornaamst ingredi├źnt van de zeewaren en de visscherijen blijven. De zoutziederijen hebben een groot aandeel in alle deze voordeden en de scheepvaart zelve, van welken het tijd wordt te spreken, vind er zijne rekening bij, dat de aanvoer vermeerdert, en zoude bij dat alles nog de meest bevoordeelde van alle de belanghebbenden zijn, wanneer het mogelijk ware den aanvoer van zout naar het voorbeeld der Engelschen tot de nationale scheepvaart te bepalen.

Deze onmogelijkheid alleen is het, die de zaak bedenkelijk maakt, en hetgeen in dezen eene der singulierste en meest opmerkenswaardige omstandigheid is, het is diezelfde natie, wier aanzoek wij thans behandelen, die dit laatste en gewichtige voordeel, waardoor alle belangens en dus ook die van de scheepvaart vereenigd zouden zijn, verhindert door den dwang harer wetten op de scheepvaart en zelfs bij terugkaatsing door het voordeel, hetwelk in die wetten nog voor onze scheepvaart gelegen is. De zaak is eenvoudig deze: hunne wetten veroorloven den aanvoer van vede Nederlandsche producten in Nederlandsche schepen, en dierhalven brengd de natuurlijke wet van wederkeerigheid vanzel-

Sluiten