Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van schépen, aldaar zich bevindende, in de noodzakelijkheid, althans in groote verzoeking, brengen ingeval van storm of slegt weder, ook met gevaar van schip en lading, de Fransche havens aan het Kanaal te zoeken;

dat de vertoners echter tot nu toe zich deswegens niet hebben gewend tot eenige autoriteit, daar zij de moeilijkheid volkomen inzien om verandering in belastingen, dewelke in andere landen en ten behoeve van bijzondere personen of corporatiën geheven worden, te erlangen; dan dat zij aan den eenen kant de zekerheid hebben bekomen dat behalve de Engelsche, ook de Noord-Amerikaansche en Portugeesche schepen aan een minder regt onderworpen zijn, en aan den anderen kant er thans bij het parlement van Groot-Brittanfe eene herziening dezer regten op til is, weshalven zij, vertoners, voor zich en hunne landgenoten zich verantwoordelijk zouden rekenen, zoo zij op dit oogenblik langer bleven stilzitten;

dat de vertoners, teneinde deze Kamer bekend te maken met den oorsprong en den aard der regten, waarover zij meenen te moeten klagen, de nodige berigten hebben ingewonnen, en dientengevolge de eer hebben deze Kamer te informeeren, dat in de havens van Engeland ten behoeve van het gestigt, bekend onder de naam van Trinity-house of Deptford Strand, van de haven van Ramsgate en anderen, worden geheven regten op alle inkomende schepen, als bakengelden, loots-, ballast-, boeyen- en dokgelden, havenregten enz., uit welke de kosten der bakens, vuuren, ligten, boeyen en wat dies meer is worden goedgemaakt;

dat deze regten al verder van tijd tot tijd zodanig zijn aange^ groeid en verhoogd, dat een schip van 250 tonnen, Engelsche meeting, op eene reis van Texel naar de West-Indiën in eene Engelsche haven binnenvallende, niet minder dan £47.10.6 sterling betaalt, terwijl de Engelsche schepen naauwelijks de helft dier som voldoen, een voorregt, hetgeen bij eene acte van het parlement van het 59e jaar der regering van koning George den Hle (zijnde het jaar 1819), cap. 54, ook aan de schepen der Vereenigde Staten van America en aan die van Portugal is gegund;

dat de vertooners niet zullen behoeven aan kundige en ervarene kooplieden, als waaruit deze Kamer is zamengesteld, uit een te zetten, welke de grote nadeelen zijn van een zoo onevenredig regt, hetgeen de Nederlandsche schepen boven de Engelsche, Ameri-

Sluiten