Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik heb wel gedacht om te bedingen, dat het buiten effect stellen der restitutie eerst voor een geruimen tijd gevolg zoude nemen, maar behalve dat het hier te doen is om de klagers dadelijk iets in den mond te werpen,zoo zoude, door een uitstel van eenige weken, de fundamentale zwarigheid niet uit den weg geruimd zijn, en oordeelt men onverhooptelijk, dat Z. M. de werking van art. 10 nu niet opschorten kan, zoo zal H. D. ook bedenking maken om zich te verbinden tot zoodanige opschorting over 8 of 10 weken, k Ik zal verder over de zaak nadenken, doch geloof niet, dat mij tegen den volgenden postdag iets beters voor den geest zal zijn gekomen, verzoekende ik, nu voor alsdan/bij het bovenstaande te mogen blijven en hopende dat, zoo ik met de mededeeling van eenig ander conciliatoir belast worde, hetzelve zoodanig zijn zal, dat de niinisters alhier er eenig regard op hunne eigene positie in kunnen ontdekken.

No. 87. — 1824, Juli 25. — VAN REEDE AAN DEN KONING l).

Ik heb de eer U. M. te berigten, dat in de conferentie die, ingevolge mijn particulier rapport van gisteren, nog dienzelfden dag met de heeren Elout en de Mey van Streefkerk ») heeft plaats gehad, rijpelijk is overwogen geworden de depêche van U. M. ambassadeur van den zoen July»), waarbij dezelve verslag doet van zijne handelingen met de heeren Canning en.Huskisson tengevolge van de bekoniene aanschrijving van den i6ew dezer«) over de gelijkstelling der regten op de vlaggen en over de handelsbetrekkingen tusschen de beide landen.

Uit gezegde depêche blijkt, dat opgemelde aanschrijving al aanvankelijk heeft doen terughouden de uitvaardiging van een bevel in rade, volgens hetwelk eene belasting van 10% op de Nederlandsche vlag zoude gelegd zijn, alsook een uitgaand regt op het zout, dat met vreemde schepen vervoerd worde; dat het overigens niet mogelijk geweest is al aanstonds tot eenig voldoend resultaat te komen of tot eenige wegruiming der zwarigheid, die uit de omstandigheid ontstaat, dat de wetgeving wederzijds eene zoo verschillende strekking heeft, zooals dit bij de depêche dan vervolgens breder wordt gededuceerd; dat de heer Falck het wel met

R. A., Buitenlandsche Zaken, 2J Juti 1824, no. t. *) Secretaris van Staat. ») No. 86. ') No. 83.

Sluiten