Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

■1°. over , de gelijkstelling der vlaggen ten aanzien der scheepsregten, loodsgelden enz.;

2°. over de gelijkstelling der vlaggen ten aanzien der regten van in- en uitvoer op de goederen* in de wederzijdsche havens in Europa aangebragt wordende.

NB. Dit punt werd reeds in den zomer van 1824 voorloopig behandeld.

30. Ontlasting op den invoer over en weder van eenige artikelen van Nederlandsche en Britsche nijverheid.

40. Openstelling der wederzij dsche bezittingen in Amerika en de West-Indiën, onder zekere voorwaarden hierboven aangeduid, en van welke allen, gelijk van de geheele conventie, de reciprociteit den grondslag behoort uit te maken.

NB. Onder dit laatste hoofddeel zoude dan worden gestipuleerd de permanente admissie in Berbioe en Demerary van al de schepen, welke thans in die vaart rijn, en zoodanige verdere wijziging als waarvoor men de tot die vaart betrekkelijke conventie van 12 Augustus 1815 vatbaar achten kan.

No. IIO. — 1825, Juni 7.—FALCK AAN DE C0NINCK1).

Mijne depêche no. 57 •), welker receptie mij berigt is bij de uwe van den zden dezer, bevat, zoo ik vertrouw, genoegzame stof ter beantwoording van de vragen, door het Departement van Marine en Koloniën op aandrang der belanghebbenden bij de vaart op Demerary, Essequebo en Berbioe geopperd en mij door Uwe Exc. kopyelijk medegedeeld. Om echter aan de zaak de meest mogelijke klaarheid, bij te zetten, zal ik de vrijheid nemen van te herhalen, dat het ministerie ongeneigd is om den bewusten termijn andermaal door eene parlementsacte te doen verlengen, doch dat het voortdurend gebruik der thans in de vaart zijnde schepen gemakkelijk te bedingen wezen zal, indien men van den kant der Nederlanders gebeft toe te treden tot het plan om wederzijdsch het verkeer met de respectieve koloniën open te stellen. Men mag echter voorzien, dat de onderhandelingen, eventueel over deze materie te beginnen, welligt niet zullen zijn afgeloopen tegen den tijd, dat bevelen naar de West-Indiën moeten worden

J) R. A., 'Brievenregister Loudensch legatie-archief. *) No. 109.

Sluiten