Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in het oog, en indien men niet maar alleen eenen halven maatregel heeft willen némen ten einde het terrein te sonderen, dan moet ik natuurlijk vermoeden, dat men andere bijoogmerken gehad heeft, welker doorgronding een beter inzigt in de zoo kunstige Engelsche politiek vereischen dan ik mij vermag toe te schrijven. Geen der verminderingen toch kan eenen merkbaren invloed hebben op onzen handel, want indien men bv. de op zichzelve aanzienlijke vermindering op de gestampte meekrap en meewortel zoude willen aanvoeren, dan valt toch dadelijk in het oog, dat daarin de Fransche met de onze gelijk staat, zonder dat intusschen Frankrijk ten aanzien van Engeland een haarbreed van deszelfs systema van afzondering afwijkt, weshalve wij in dit opzigt niets vooruit hebben.

De restrictiëh op sommige transitoire bepalingen doen mede zien, dat men nog weinig liberaal is; zoo is b.v. de jenever vrij om te transiteren, maar de kelderflesschen, in welke dezelve naar de West-Indiën zouden worden doorgevoerd, moeten de regten van het glas betalen; hierdoor blijft de schijnbare vrijheid een verbod, alzoo de verzending op fust niet te doen is.

Voorzigtig is het in allen gevalle geweest om met de nieuwe lijst slechts trapsgewijze verminderingen daar te stellen, en ik wil dan ook gaarne geloven, dat men wezenlijk nog niet verder heeft durven gaan, maar even daarom moet ik ook vrezen of het sluiten van een commercie-tractaat niet vooreerst nog achterwege zal moeten blijven. Hetgene wij toch, om daardoor wezenlijk voordeel te bekomen, te eischen hebben, is aanmerkelijk veel in vergelijking van hetgene wij te geven hebben.

Indien evenwel de Engelsche ministers wezenlijk gezind zijn om met ons daarover te onderhandelen, dan geloof ik, dat wij van onze rijde zeer op onze hoede zuilen moeten zijn.

Het is waar, Engeland mag gerekend worden in den voorspoed van ons land uit een staatkundig beginsel veel belang te hebben, en uit dat oogpunt de zaak beschouwende, zoude het welligt voor ons meerder willen doen dan anders het geval zoude wezen, maar zal dat beginsel genoegzaam zijn om te verhoeden, dat men, door naijver gedreven, bepalingen wenscht te maken, welke in de gevolgen de noodlottigste resultaten voor ons zouden opleveren en integendeel Engeland ongeacht onzen val nog grooter deden worden?

Sluiten