Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ten anderen, Jerolimo wel geveegt zijnde, ontmoet aan de vesten bij de mont van den Emstel twee lichte vrouwen, waar bij hij den volmaekten hoveling speelt Sy, meer geneigt tot zijn geit als tot zijn schoone

30 woorden, willen, dat hij haar sal leiden op de Klieveniers doelen; hij, alsoo kout van buidel als heet van maag, maakt veel blauwe en logenachtige uiWktchten, en scheit na veel stuipens en nijgens eerbiedelijken; sij begekken den weg gaande en verhalen den

35 oorspronk van haer ontuchtig en ongeregelt leven. Den hongerigen Robbeknol tijt terwijl uit bedelen, het welk hem zoo gelukte, dat hij sijn ledigen buik en sijn eerlijkhertige doch arme meester daar met spijsde, en gingen voort, wel versaat zijnde, t' samen te ruste.

40 Ten derden, Robbeknol verhaalt den loop zijns levens en zijns avontuurs; Jerolimo niet bij der hant zijnde, soekt, vindt en doorsnoffelt zijns meesters beurs, dien hij ryk van vouwen en arm van penningen bevonden heeft. De drie koele troevers verwijten elk

45 ander hare feilen; ondertusschen luit men der steden klok, al waar ter puie wert gekundigt en verboden op lijf-straffe de bedelerije ende geraamde ordere over de rechte armen, het welk bij elk gepresen, maar bij Robbeknol en sijns gelijken beklaagt wert. Een kijve-

50 kater kijft en raast onbescheidenlijk, doch sij werdt besadigt van twee spinsters, haar geburen. Robbeknol, van de noot een deugt makende, komt bij deze onwetende wijven de Seven-salmen lesen; so kreeg hij de

26 Geveegt: opgepoetst.

30 Klieveniers: kloveniers-(doelen), een herberg.

32 Blaauwe: schoonschijnende.

33 Stulpen: buigen. — 33 Tfjt: trekt.

38 Eerlijkhertige: eergierige. jj ,

42 IeroÜmo niet bil iet hand zijnde: terwijl J. niet aanwezig i».

44 koele troeven: iets als onze slome duikelaars?

47 Geraamde ordere: vastgestelde verordening.

49 Kijoe-kaler: kijf lustig wijt

53 Seven-salmen: zeven boetpsalmen.

Sluiten