Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Robbeknol: Een bientjen, daar een pont vleis vijf ses an is, Dat liecht 'r ook niet om. En as daar een paar vaans

kan is

Met Danisiker smokuel of met dat mannelijk Ros-

tiker bier,

Daar ken ik het me wel of sien voor een uur, drie of

vier:

255 Dat sou wel seve lui seggen (wel verstaande, als zij

't wisten),

Ierolimo:

Wat doen de liens anders, dan sai de spais verdarven

en 't geit verkwisten? De soberhedt is een deugd, diens gelijken men niet

en weet.

Robbeknol: Dat is geseit in 't Ductsch: siet dat je niet veel en eet

Ierolimo: Och 't is soo gesont, op zijn juiste dieet te leven. Robbeknol: 260 Die raad die moogt gij dan de kranken wel ingeven. Ierolimo:

Monseur, het is devin, dat men de temperancie observeert.

Robbeknol: Gut Jonker, 't is zoo goet, dat men wel teert en

smeert

Ierolimo:

Wat verschillen de mest-verkens van de gulsige

beesten?

252 Vaan: 2 pinten.

253 Smokuel: een biersoort.

254 Ken ik het me wel of sien: kan ik het wel mee uithouden.

255 Sece lui: vermoedelijk: iedereen. 258 In 't Duitsch: in goed Hollandsen.

261 Het is nobel dat men de matigheid betracht.

262 Smeert: smult.

263 Mest-verkeru: menschen, die zich vetmesten.

Sluiten