Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gij bent des morgens vroeg voor dag al op de brug, Daar neem jij de tijngjes uit de nest, eer sij zijn vlug. Andries:

Maar, Jan, ik heb gehoord en ook van daag vernomen, Dat er goet excellent Engels bier is gekomen; 1100 En gister avond laat is er een jonge meit

Op de Haarlemmer-dijk van een Knoet neer eleit Ian Knol:

Knoet? van een Westfaling, soo heb ik hooren

spreken.

Andries:

O bloet, krijgt 'hem de Schout, dat wil hem suur

opbreken.

Harmen:

Al kreeg de Schout hem al, hij maakten dat wel of. I a n K n o 1:

1105 Het Hof Provinciaal krijgt selden daar iet of. Andries:

Een meit neergeleit! foei! dat hoorden ik noit seggen. De droes, wat schelm is dat! een meit neer te leggen! Harmen:

O lieve Andries-oom, dat geschiet nu soo veul. Ian Knol:

'4 Is gebeurt van een hals-heer van Haarlem, de beul, 1110 Schoppen ien oog: op een rat moet hij rusten. Andries:

Of an een diefsche gallig, na sijn eigen lusten.

1097 Tijngjes: nieuwtje*.

1101 Knoet: Mof of Deen. — Neer eleit: verkracht.

1104 Htj maakten dat wel of: hij zou de handen wel stoppen van de mindere gerechtsdienaar*.

1105 Zoo'n zaak komt bijna nooit voor het hof.

1106 Wie heeft het ooit gehoord.

1107 De droes: verduiveld.

1109 Hals-heer: beul.

1110 Schoppen ten oog: zijn bijnaam. — Moet: behoort,

1111 Diefsche galg: galg voor dieven. Hij mag kiezen.

Sluiten