Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Robbeknol: Ik sel d'r jou straks een langen, hola! waar is mijn

kooker?

(Hij krijgt een versieeten schrobber.) Och! daar heb ik hem, daar heb ik hem. Daar is er

een, mijn Heer, Als die Versleten is, so heb ik er nog wel duisent meer, En tot een tande-droogertje so eet die moie wafel. Ier o lim.o:

1595 Robbeken, dewijl 't niet kwölijk schikt over tafel, Dat men de spais te mets met wa wijn lardeert, Soo is 't ook heel gracieus, dat men over dis dis-

coureert;

r ' En nadien ik mijn meug wel heb gedronken en gegeten, So is 't, Monsieur, dat ik u in 't provisie laat weten, 1600 Dat ik van paysacie ben geboren in het lant

Te Hoboken, doör men de voöntjes hooit in 'Brabant Ik moe van ed-'len bloeien zijn en van groote lingnagie, Want ik .gevoel het wel an main generose couragie, En principalijk an de graviteit van mijn hert in een

stik,

1605 Vermits niemant so seer belust is om Koning te zijn

als kik;

1591 Met dien kooker bedoelt hij den ganschen schrobber.

1596 Te melis te gelijkertijd. — Lardeert: in smaak verhoogt.

1597 Over dis: aan tafel.

1598 Mijn meug: mijn bekomst.

1599 In 't provisie: misschien bedoelt hij a Vimprovisie, onverwachts, zonder bepaald plan. 't Lijkt me waarschijnlijker dat hij er mee zeggen wil: in vertrouwen.

1600 Van paysacye: wat het land betreft.

1601 Voonljes: papieren, meestal driehoekige vlagjes, die de menschen nog wel van de processie meebrengen.

1602 Lignagie: stam. — Bloeien: afkomst.

1603 Generose courage: edelen moed.

1604 Principalijk: vooral. — Graviteit: gewichtigheid. —In een stik: in één opzicht.

1605 Vermits: daar.

Sluiten