Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Robbeknol: 2125 Och, och, mijns lijfs gene, laat mij los, ik sal seggen Al 't gene dat ik weet.

Schout:

Spreekt op en hebt geen vrees. Rob bek n o 1: Mijne Heeren, hoort toe, zijn goederen zijn dees, Soo hij mijn heeft geseit selfs met sijn eigen woorden: Mijn Heeren, mijn Heeren, hij sei, dat hem toebehoorden

2130 Een goe gront van een huis, en een out duivekot, Maar 't is nu wat vergaan, vervallen en verrot

Geer aar t: Notaris, schrijft dat op, en rept u hand wat vaardig, 'T en kan so slecht niet zijn, of 't is so veel wel

waardig

Als hij mij schuldig is.

Notaris:

Waar leit 't, an wat kant? Robbeknol:

2135 Na dat ik heb verstaan, soo leit 't in sijn lant.

Notaris: Wij zijn hier wel geraakt!

Schout:

Wel, dat is wel gesproken! Geeraart:

Van waar is hij?

Robbeknol: Van waar? van 't dorrep van Hoboken, Daar bij Antwerpen heen.

Notaris:

Van wie is hij toch daar? Robbeknol: Ik weet niet, van niement: ik ver sin me, van sijn vaar.

2127 Zijn goederen zijn dees: dit zijn zijn bezittingen.

2136 Wij zijn hier wel geraakt: we zitten bier in een mooi boeltje. 2139 Versin me: vergis me.

Sluiten