Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij zoude zich gewaand hebben iets te zijn.

Johan Doxa deed een toertje rond de zaal. De dansers riepen hem aan, daar hij zoetekens omwandelde in zijn zonderling pak en zijn trommelken onnoozel vasthield in beide handen. Maar hij trof geen liefje dat hij scheren kon.

— « 't Is gemakkelijk te zeggen, » dacht hij, « ze zijn hier wel een hoop, maar 't is precies uit den hoop dat ik ze moet uithalen. »

Anatole nochtans had er een uitgehaald. Hij sprak in verbazing :

— « Niks? Hoe is dat Gods mogelijk, Johan! Ge ziet er flink uit en ge hebt handschoenen aan. Als ge zoo voortgaat, zult ge fataal eindigen met u te vervelen. »

Hij besloot zich zelf op te offeren om een zoo jammerlijke uitkomst te vermijden en stond zijne aanwinst gewillig aan Johan Doxa af. Hij verdween in het licht, en de deerne zei :

Sluiten