Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de vetwalmen der oliekoeken en den stikkenden rook der fakkels. Hij zag de ruiten der herbergen branden en flappende vlagen kleuren in den gloed. Hij zag de mannen en de vrouwenHij zag de vrouwen. God vergeve hem, hij zag ééne vrouw, eene met krullekens vóór hare slapen en die, met bloote armen, twee schuimende pinten geuzelambik bood.

« Wilt ge meedrinken, als 't u

belieft ? » vroeg Johan.

En ze zei, terwijl ze op hem afkwam met den tooghanddoek :

— « Ge hebt u een beetje vuil gemaakt, geloof ik. »

Hare stem was wonderzoet. Nu naderde ze minzaam en lachte in zijn aangezicht. En Johan draaide zich gauw om in zijn bed, vatte wanhopig zijn hoofdkussen in beide armen, en pletterde daar zijn mond tegen, om 't huilen te smoren dat onweerstaanbaar uit zijn hart opjoeg.

Sluiten