Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was gelukkig als een koning. Het bloed klopte hem weldadig op de slapen. Zijne kinderlijke lippen stonden in den vorm van een glimlachend toeterken, alsof er zoo juist een melkzoete flep was uitgevallen. Zijne meisjes hingen aan zijne mouw en soms moest hij een kusje krijgen of een kittelig kneepje in de leên. De wereld ruischte alom op hooghemelsche maat :

« En een dikke pens

En een snee van 't verken... »

De harmonica-speler had een bult. Hij dronk gelijk een Zwitser. Daar was een oud ventje met rooden neus. Die kwam gedurig tegen Johan's buik niezen. Hij dronk gelijk de bultenaar. Allemaal dronken. Johan Doxa betaalde maar...

— « Vooruit naar De Dikke Luis ! » riep de piston.

Weer 't zalige gedrang van lijven. Johan werd als opgenomen in de stuwing en meende te zweven en stapte

Sluiten