Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich oprechtten dan, gestoord in den kuisch, en ons wat toesnauwden van op de drempels.

Ik was zeer bekommerd en luisterde nauwelijks naar het stil, afgebroken gepraat van Menschaert. Ik begon 't mij alreeds te beklagen dat ik deze laatste boodschap had aangenomen. Seffens verhief echter mijn geweten zijn rechte stem boven 't gehakkel van mijn angst en ik stapte vaster door, overtuigd, gelijk ik was, dat niemand het droeve nieuws met meer teedere en aandachtige zorgen zou brengen dan ik het, met mijn liefderijk medelijden, zou doen.

We kwamen in de Zes-Penningenstraat, die reeds vol was met uchtendgeluiden. Magere honden liepen er snuffelend rond de vuilbakken. Een stoelenbiezer zette aan zijn uitgerokken roep, die wijd-jammerde onder de vensters. Een fruitwijf stiet haar rammelend karretje. Boven op een hoog huis vlekte een bleeke zon.

Sluiten