Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE RAVE.

Met zwart- en zwaren zwaai aan 't werken door de grauwe,

de zonnelooze locht, ik de oude rave aanschouwe;

die, roeiende op en dóór den schaars gewekten wind,

gelijk een dwalend spook, eilaas geen ruste en vindt.

Ze is zwart gebekt, gepoot, gekopt in 't zwarte;

als kolen,

zoo staan heure oogen zwart, in hun' twee zwarte holen te blinken; rouwgewaad en duister doek omvangt

het duister wangedrocht, dat in de nevelen hangt.

Ze is stom! Z'en uit geen woord en 't waaien van heur' slagers

en hoort gij niet. Alzoo de zwarte doodendragers

stilzwijgend gaan, zoo gaat zij zwijgend op de lucht,

en wendt alhier aldaar heur' zwarte ravenvlucht.

Sluiten