Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

A B E E L E N.

Yerschgevelde abeelenboomen

liggen langs de grachten heen,

die den ouden zandweg zoomen, hoofd en armen afgesneên.

Sterke stammen, kon dat wezen,

gij, die, op en in den grond,

met uw' voeten vastgevezen *),

vamen diepe, ondelgbaar stondt?

Gij, die 't zwaar geweld der winden,

kreunende, op uw kruinen droegt;

die zoo lang den boosgezinden wintervijand wedersloegt?

't Edel hoofd inrween gespleten,

knoken in den grond geboord,

wie heeft 't al u afgebeten,

dat uw' schoonheid toebehoort?

Spillen zie 'k, en spanen, dragen;

splenters, uit uw hoofdgewaai; takken uit uw' toppen zagen,

kerven af uw' teenen taai!

) Vijzen = schroeven.

Sluiten