Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AKSTERNESTEN.

Nog ijdel staan de boomen, in

de blauwe lucht, en blaren en zie 'k ze hebben, meer als of

ze dood en duister waren voor goed nu. Lang is alles zwart

en zonder zap gebleven, dat wijleneer zoo groene stond

in 't zoete zomerleven, 't Is zwart nu al, tot boven in

de hooge abeelensprangen, daar zwarte en zware bonken in

van aksternesten hangen, 't Zijn teekens in de lucht, en wel

bekende hemelbaken, dat wederom de zonne zit

aan 't lieve zomermaken. Toch bladerloos is al 't geboomte

en, verre heen, in 't westen, in 't noorden, 't zuiden, 't oosten zie 'k

alom vol aksternesten de abeelen staan. — Verdappert uw

bezoek en wilt de bronne des aksterslevens duiken al

in 't groen, o lieve zonnet

Sluiten