Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-van Frankrijk te Brussel, had reeds in menig onderhoud met Davignon, minister van Büitenlandsche Zaken, officieel dezelfde woorden gesproken. *)

De Duitsche dubbelzinnigheid. Geheel anders was de houding van Duitschland. Reeds sedert 1911, door het Belgische Gouvernement aangezocht om in den Rnksdag eenige verklaring af te leggen ter geruststelling der publieke opinie, door het Hollandsche plan, betreffende de forten van Vlissingen eenigszins verontrust, had Von Bethmann-Hollweg zulks geweigerd, onder voorwendsel dat een dergelijke verklaring de militaire situatie van Duitschland tegenover Frankrijk zou ver"^Tirïef, den Sisten Juli 1914 door Davignon, minister van Bu tenlandsche Zaken, gericht aan degezanten des Koning te Berliin Parijs en Londen: „De minister van Frankrnk, die my zo ^n een telegram van het agentschap Havas da; dan Oorlogstoestand in Duitschland afkondigt het zien, heeft m« gezegd: Ik maak van deze gelegenheid gebruik, om U te vei llarfn dat geen inval van Fransche troepen in België zal plaats he^bZ zelfs indien belangrijke strijdkrachten op de grenzen van Uw land waren opgehoopt. Frankrijk wil de verantwoordelykhl Zet op zichtemen, tegenover België, de eerste vyandelijke \Zd 'te verrichten. In dien zin zullen aan de Fransche autoriteiten instructies gegeven worden.

Ik heb Klobubowski mijn dank betu.gd voor z«n mede deeling en ik heb gemeend hem te moeten w»zen op het feit, Tt li altÜd het grootste vertrouwen gekoesterd hebben m d loyaliteit" die onze twee naburige Staten aan den^dag legden om hun verbintenissen tegenover ons te houden. Wij hebben dus allen grond te gelooven dat * j^™^ Duitsche Gouvernement dezelfde zal zijn als die van het Uou vernement der Fransche Republiek "

.914 door D.,*».-.— ™

Sluiten