Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De voordeelen, eraan verbonden, zijn voornamelijk deze, dat de oogst, die in minder goede conditie mocht zijn binnengehaald, ten allen tijde kan nadrogen; verder dat door een juiste keuze van bouwplaats, constructie en afmetingen er een groote besparing aan personeel, arbeid, tijd en dus van geld plaats vindt.

Men bouwt de open veldschuren, in verband ook met hun naam, in het vrije veld; liefst op wat verhoogden grondslag om regenwater te kunnen afvoeren. Desnoods zorgen greppels voor de drooglegging van het terrein.

De richting van den nok is meestal Oost-West; dit om den wind er in langsrichting omheen te laten strijken, wat het nadrogen bevordert. Maar ook om aan wind en regen een zoo gering mogelijk vlak van aangrijping te kunnen bieden. Met het oog hierop worden de eindgevels ook meestal van een beschieting voorzien (plaat IV, fig. la en 2).

Met het oog op de korte periode van gebruik, tusschen oogsten en afdorschen, moeten de veldschuren vanzelf goedkoop zijn en licht van bouw. Maar omdat zij aan stormen staan blootgesteld, die uit alle richtingen kunnen komen, en dikwijls geen beschutting wordt gevonden, moeten goede dwars- en langsverbanden worden aangebracht, (fig. la, lb en 4a). De houtverbindingen dienen tegen het opwaaien met ijzerverbindingen te worden versterkt; en de gebintstijlen stevig in de fundamenten verankerd (fig. lc).

Zoo veel mogelijk moet van rond hout gebruik worden gemaakt, dat door bestrijking met carbolineum aan duurzaamheid wint. De gebinten staan 4 tot 5 Meter uit elkaar, om geladen wagens en de dorschmachine te kunnen laten passeeren.

Met het oog hierop moet ook een doorrijdhoogte van minstens 5 tot 6 Meter aanwezig zijn.

De kleinere veldschuren kunnen eenvoudig van constructie zijn (fig. la en lb). De grootere vertoonen wel een breedte tusschen de gebintstijlen tot 15 Meter, terwijl door het overstek, dat soms tot 3 Meter buiten de stijlen reikt, de breedte van optassing wel ± 20 Meter kan bedragen. Alleen moet men zorgen voldoende binnen de druiplijn te blijven.

Door de groote breedte wordt het lossen met de wagens langs de schuur te kostbaar, en zal men het tweede vak moeten inrijden om het eerste te kunnen vullen enz.

Deze breedte zou de nokhoogte te zeer doen stijgen, waardoor bij het lossen weer te veel personeel noodig wordt. Het is daarom raadzaam om de gebinten niet hooger te nemen dan 7,50 Meter (fig. 2), liever minder (fig. 3). Ter wille van de arbeidsbesparing moet men den inhoud zien te vergrooten in de lengterichting, en de afmetingen van de breedte en de hoogte beperken.

Daarom is ook een vlak dak gewenscht. Niet alle bedekkingsmaterialen leenen zich daartoe. Het meest gebruikelijk zijn: stroo, riet, pannen, asphaltpapier (dubbel), dakvilt, asbest-leien en asbestgolfplaten.

Bij toepassing van gegalvaniseerd plaatijzer is er aanleiding om de schuren geheel van ijzer te construeeren. Dit komt hier zelden voor (o. a. Schipborg,

Sluiten