Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. Hoewel een droog bouwterrein aanbeveling verdient, moet er gelegenheid zijn om waterputten te slaan, in verband met de behoefte van een grooten veestapel.

c. De gebouwen moeten zoo ten opzichte van elkaar liggen, en van elkaar zijn verwijderd, dat brandgevaar tot een miniumum wordt beperkt. In geval van brand moet er kans zijn om den veestapel te redden. Bovendien moet het geheele bedrijf vanuit de woning of het kantoor van den bedrijfsleider overzien kunnen worden, met het oog op de controle die op grootbedrijven dikwijls nog meer noodig is dan elders.

d. De ligging der bedrijfsruimten onderling moet doelmatig zijn en de arbeiders elkaar zoo min mogelijk hinderen. Arbeidskrachten moeten worden bespaard door de af te leggen afstanden tot een minimum te reduceeren, en door voor alle onderdeden machinale installaties in te voeren, die op kleine bedrijven dikwijls gemakkelijk maar nog niet altijd voordeelig zijn *).

In het buitenland is de rechthoekvorm regel, de „Hof-bouw, zooals wij die ook voor Limburg kennen; hierbij zijn n.1. alle gebouwen gegroepeerd rondom een groote binnenplaats. Hierbij kan aan een der korte zijden van den rechthoek het woonhuis komen te liggen; of het kantoor, wanneer het woonhuis apart is gebouwd. Althans ziet het werkvertrek van den bedrijfsleider op de binnenplaats uit, en liggen de woon- en slaapvertrekken aan den buitenkant op het Zuiden.

De stallingen liggen aan de Westelijke zijde, met het oog op de winterkoude.

De dorschschuur kan aan de tweede korte zijde liggen; met name de dorschvloer vereischt voortdurend toezicht.

De toegang naar het binnenplein kan plaats hebben aan weerszijden van het woonhuis, dat daardoor geheel vrij komt te liggen.

In de nabijheid hiervan, aan de Oostelijke lange zijde liggen de paardenstallen, het wagenhuis, de remise voor werktuigen, enz. Dit is zeer globaal een indeeling, waarop verschillende varianten mogelijk zijn. Bovendien staan de veestallen in verbinding met waschhuis en melklokalen; verder met kelders en lokalen voor voederbereiding, die zoo dicht mogelijk bij het woonhuis liggen.

Met het oog op brandgevaar moet de schuur aan de Noordelijke korte zijde vrij komen te liggen van de stallingen, waardoor meer toegangen naar het binnenplein ontstaan.

Door deze indeeling mag de afstand van de schuur naar de stallingen niet te groot worden, met het oog op het voederen van stroo, graanafval e.d. Hooi kan" eventueel op zolder boven de koeien worden geborgen.

*) Verschillende transportinrichtingen kunnen worden aangebracht, zoowel de transporteurs voor hooi en granen, als smalspoor of hangspoor voor het transport voor voederartikelen of mest. Voorts kunnen kleinere motoren dienen voor de verlichting, het oppompen van water, het pletten van haver, het malen van graan, het snijden van bieten, hakselen van stroo, enz. Vooral komt dit alles tot zijn reeht bij het toepassen van electrische beweegkracht. Deze kan b.v. worden opgewekt met behulp van de locomobile die op gezette tijden de dorschmachine drijft; althans wanneer de electrische stroom niet van elders wordt aangevoerd.

Sluiten