Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hersteld, waar die ook in Holland en Zeeland gelegen mochten zijn (art. 19) *).

Dat de Satisfactie, hoe belangrijk ook, daar zij na jaren van scheiding Amsterdam met Holland verbond, zoo weinig duurzaam geweest is, sproot voort uit het eerste artikel. Noch de lang in Amsterdam onderdrukte Gereformeerden, noch de in grooten getale terugkeerende ballingen namen er genoegen mee, dat hun geloof slechts geduld zou worden. Zij wilden, dat hun geloof binnen hunne vaderstad zou heerschen2).

De uitvoering der Satisfactie heeft groote moeilijkheden veroorzaakt. Was de afdanking der oude stedelijke vendels en de oprichting der nieuwe Staatsche compagnieën nog vrij glad verloopen, daar de stedelijke regeering haar gijzelaars zoo spoedig mogelijk wilde verlossen 3), de oprichting en vooral de inrichting der schutterijen — volgens art. 7 — had meer voeten in de aarde. Terwijl de stedelijke regeering de inrichting van vóór 1567 wilde behouden en de schutters het wachtwoord van Burgemeesteren wilde laten ontvangen, wenschten de commissarissen, die door de Staten naar Amsterdam gezonden waren „tot de effectueering van de Satisfactie", en de stadsregeering wantrouwden, de schutterijen te verdeelen in vendels, die het woord zouden moeten halen van den commandant van het Staatsche garnizoen4).

Op den dag van de Alteratie, 26 Mei 1578, werd 's morgens nog eene poging gewaagd om de regeering tot toegeven te bewegen; toen die faalde, begon de beweging, waardoor aan het gezag der Spaanschgezinde magistraten een einde werd gemaakt. Had de af- en uitzetting der oude regeering al op het programma der Staatsche commissarissen gestaan '— de Alteratie immers schijnt een van hooger hand beraamd

1) Ter Gouw VII, bl. 279, vl.: De Satisfactie.

2) Als voren, bl. 306, vl.: Onhoudbare toestand.

3) Als voren, bl. 288, vl.: De afdanking der twee vendels; bl. 296, vl.: De oprichting der nieuwe vendels.

4) Als voren, bl. 300, vl.: Geschillen over de schutterijen. — Over het wantrouwen: als voren, bl. 314, vl.

Sluiten