Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4. Ende alzoe dese stadt aende bewaernisse van Naerden Muyden ende Weesp boven all sonderling es gelegen, offmen nyet sal conditioneren, dat men terstont zall procederen tot fortificatie der voorsz plaetsen, ende dat tot bewaernisse derzelver plaetsen hopman Cater gestelt zal worden als by Zyn Excellencie daer toe gecommitteert, ten waere Zyn Excellencie hem onbequaem daer toe kende, in welcken gevalle een ander daer toe gestelt zall worden, met wyens getrouwicheyt Burgermeesteren voornoemt te vreden zullen zyn ende voor getrou kennen.

31 Maart werd hieraan toegevoegd: Item hyer by te vougen dat die fortificatie zal geschyen tot gemeen lants costen ende oft gebeurde dat hopman Cater quaeme te overlyden dat Burgermeesteren over tstellen van een ander mede zullen bewillighen.

Over artikel 15:

1. Opt 15e articule mentionerende vande oude schulden te stipuleren ende versoucken eerst staet off begrotinghe vande oude schulden daer mede de landen van Hollandt beswaert zyn, mitsgaders staet van tgene sedert date vande Satisfactie betaelt es.

(art...): de Prins heeft „yet specialijck (belooft) nopende die bewaernisse ende fortificatie van Weesp ende Muijden" *).

Hij zal nog nader orde stéllen op „de bewaernisse vanden castele ende steden van Muyden en Weesp"2).

:) Ontleend aan Oldenbarnevelt's verweer. Wat de Prins beloofd had, vermeldt Oldenbarnevelt niet.

2j Ontleend aan de Vroedschapsresolutie van 30 Mei 1580, waar we lezen, dat de Vroedschap haar besluit over de tweede uitspraak niet in kon brengen, voordat zij zou gezien hebben „die middelen vande oirdre by Zyne Excellencie te stellen opt houden vanden garnisoenen alhyer, ende oick vande bewaernisse vanden castele ende steden van Muyden ende Weesp." Res. Vr. No. 4, fol. 116 v°.

Sluiten